‘De zondvloed’ van Adam Tooze uitgebaggerd

De Eerste Wereldoorlog heeft diepe sporen nagelaten. Veel van de huidige staatsgrenzen in Oost-Europa – van Finland tot Roemenië – werden vastgelegd tijdens of kort na de Grote Oorlog. De Oktoberrevolutie en de Balfour-verklaring dateren van november 1917. En dan zwijgen we nog over het Sykes-Picotverdrag uit 1916, dat Syrië en Irak verdeelde.

Op het eerste zicht lijken de gevolgen van de Eerste Wereldoorlog simpel. In het Verdrag van Versailles krijgt Duitsland de schuld van de oorlog. De verliezer wordt tot zware herstelbetalingen gedwongen. Daaruit volgt dan onvermijdelijk de Tweede Wereldoorlog, waarin Duitsland het opnieuw opneemt tegen de Britten, Fransen, Russen en Amerikanen.

De werkelijkheid is echter veel genuanceerder. De oppervlakkige analyse hierboven verklaart bijvoorbeeld niet waarom Italië en Japan – overwinnaars in de Eerste Wereldoorlog – in de Tweede Wereldoorlog de kant van Duitsland kiezen.

Perspectief en verhaal

In zijn boek De zondvloed bestudeert geschiedenisprofessor Adam Tooze de relaties tussen de grootmachten in de periode 1916-1931. Deze spelers zijn, min of meer in volgorde van belangrijkheid na de oorlog: de Verenigde Staten, het Britse Rijk, Japan, Frankrijk, Italië, China en de internationale paria’s Duitsland en de Sovjet-Unie.1

Er zijn veel boeken over de Eerste Wereldoorlog die een beperkter verhaal vertellen. Ze beschrijven bijvoorbeeld de periode in de aanloop naar de oorlog, de veldslagen aan het Westfront bij Verdun, de Somme of Passendale, de Russische Revoluties van 1917 en de beginjaren van de Sovjet-Unie, of de onderhandelingen in Versailles.

Tooze heeft een ambitieuzer programma. Hij schetst een globaal beeld van de gebeurtenissen gedurende de tweede helft van de oorlog en het daaropvolgende decennium. Hij heeft vooral aandacht voor de politieke en financieel-economische relaties tussen de grootmachten. Het verhaal gaat in grote lijnen als volgt.2

De zondvloed begint in het jaar 1916. Europa is in oorlog. De centrale mogendheden (Duitsland, Oostenrijk-Hongarije en het Ottomaanse Rijk) vechten tegen de geallieerden (het Britse Rijk, Frankrijk, Rusland en Italië).3 Los van de oorlog is 1916 een cruciaal jaar omdat de economie van de Verenigde Staten dan de grootste ter wereld wordt, voor die van het Britse Rijk.

President Woodrow Wilson heeft de Verenigde Staten buiten de oorlog gehouden. Maar Amerikaanse bankiers zoals J.P. Morgan zijn tegen Duitsland. Daarom hebben ze volop leningen verstrekt aan de geallieerden. Londen speelt als financieel centrum ook bankier voor haar bondgenoten. Met het geleende geld kopen de geallieerden voedsel en munitie in de Verenigde Staten.

Door de Duitse diplomatie en de duikbotencampagne die ook Amerikaanse schepen niet ontziet, verklaart de V.S. in 1917 dan toch de oorlog aan Duitsland. Wilson heeft wel een duidelijk idee van wat er na de oorlog moet gebeuren. Hij wil een vrede zonder overwinning. Begin 1918 komt Wilson met zijn befaamde Veertien Punten. Daarin valt het principe van het zelfbeschikkingsrecht der volkeren op. Wilson stelt ook voor een Volkenbond op te richten, die in de toekomst de wereldvrede moet bewaken.

Zoals iedereen weet, wonnen de geallieerden – zonder Lenins Rusland, dat begin 1918 een aparte vrede met Duitsland tekende en in een burgeroorlog verzonk – de Eerste Wereldoorlog. In 1919 werd het Vredesverdrag van Versailles getekend, dat officieel een einde maakte aan de oorlog.

Maar Versailles lostte niet alle spanningen tussen de grootmachten op. Heel kort samengevat waren dit de problemen.4

De Verenigde Staten werd geen lid van de Volkenbond, nochtans het geesteskind van president Wilson. De Senaat wou niet dat Amerika haar ongebondenheid zou opgeven. Daarnaast stonden de Amerikanen op de terugbetaling van hun oorlogsleningen. De V.S. wantrouwden de Japanse politiek in China.

De Britten stonden voor een moeilijke evenwichtsoefening in hun Rijk. Van India tot Egypte en Ierland kregen ze te maken met onafhankelijkheidsbewegingen. Engeland kampte ook met werkloosheid en financiële problemen.

Japan wou voor vol aanzien worden door de andere grootmachten. Japan had tijdens de oorlog haar invloedssfeer in China uitgebreid ten koste van Duitsland.

De Fransen wilden de militaire macht van Duitsland inperken. Om haar buitenlandse schulden te kunnen betalen, wilde Frankrijk geen verminderingen toestaan op de Duitse herstelbetalingen.

Door Wilsons principe van het zelfbeschikkingsrecht, kwam van de beloofde gebiedsuitbreiding voor Italië niet veel in huis. Net als de andere Europese landen ging Italië gebukt onder de oorlogsschulden.

China had in 1917 de oorlog verklaard aan de centrale mogendheden. De Chinezen hoopten de buitenlandse invloed in hun land terug te dringen. Intern waren er problemen met krijgsheren.

Duitsland probeerde zich uit het keurslijf van Versailles te wurmen. Het land moest geleidelijk weer diplomatieke betrekkingen aanknopen met andere landen. Duitsland was ook afhankelijk van Amerikaanse leningen om herstelbetalingen te kunnen doen.

De Sovjet-Unie moest net zoals Duitsland een plaats vinden op het internationaal toneel. Daardoor sloten de voormalige vijanden al snel na de oorlog overeenkomsten. De communistische ideologie van de Sovjets zorgde ervoor dat de rest van de internationale gemeenschap Rusland isoleerde.

Professor Tooze beschrijft hoe politici van de grootmachten hun weg zochten in de naoorlogse wereld. Deze zoektocht resulteerde in de jaren twintig in een reeks internationale conferenties en verdragen. Bijvoorbeeld:

  • De problematiek van de Europese schulden aan Amerika en de Duitse herstelbetalingen werden aangepakt in de Dawes– en Young-plannen en andere overeenkomsten.
  • Met de Conferentie van Washington (1921-1922) namen de Amerikanen het initiatief om de omvang van de oorlogsvloten te beperken.
  • Het Kellog-Briandpact (1928) verklaarde aanvalsoorlogen onwettig.

De zondvloed stopt in het jaar 1931. Daardoor blijft het voor de lezer onduidelijk waarom de internationale samenwerking van de jaren 1920 niet voldoende is om de Tweede Wereldoorlog te voorkomen.

Pluspunten

Adam Tooze behandelt een onderbelichte periode in de geschiedenis. Vooral de dynamiek in Oost-Azië werd nog niet door veel auteurs beschreven. De zondvloed toont de globale verwevenheid van de grootmachten.

Geschiedkundigen hebben het voordeel dat ze weten wat er later gebeurde. Na de Tweede Wereldoorlog koos de V.S. wel resoluut om haar internationale verantwoordelijkheid op te nemen. Duitsland werd opgesplitst. De economische samenwerking tussen Frankrijk, West-Duitsland, Italië en de Benelux zou uitgroeien tot de Europese Unie.
Tooze toont aan dat gelijkaardige ideeën al leefden na de Eerste Wereldoorlog, maar toen niet doorgedrukt werden. Hij illustreert dit met de voorstellen van Jean Monnet en Konrad Adenauer uit het interbellum.5

De problemen met De zondvloed

Dit gezegd zijnde, kan ik De zondvloed niet zomaar aanraden. Het boek bevat namelijk (veel!) te veel fouten en mist een duidelijke structuur. De auteur maakt bovendien zijn keuzes niet duidelijk.

Fouten

Hieronder een onvolledige greep fouten die ik noteerde tijdens het lezen van De zondvloed. Voor een boek geschreven door een professor dat in verschillende talen verschijnt, zijn dergelijke elementaire fouten totaal onaanvaardbaar.

  • Op de kaart met de gebieden verloren door Duitsland na de Eerste Wereldoorlog, zijn de Oostkantons niet aangeduid. In het wikipedia-artikel over het Verdrag van Versailles staat nochtans wel een correcte kaart (onderste figuur), wat meteen ernstige vragen oproept over hoe grondig De zondvloed nagelezen is.
Detail uit overzichtskaart met verloren gebieden uit De zondvloed. Rood aangebracht door mij.
Paars: gebieden verloren door Duitsland na de Eerste Wereldoorlog. Bron: wikipedia.
  • “Op 18 januari 1919 kwamen de delegaties van de vredesconferentie bijeen in de Spiegelzaal van het paleis van Lodewijk XIV in Versailles, even buiten Parijs. Op de dag af vijftig jaar daarvoor was op dezelfde plaats Wilhelm I uitgeroepen tot eerste keizer van Duitsland.” (p. 291) Het Duitse Keizerrijk werd echter gesticht op 18 januari 1871, dus 48 jaar voordien.
  • Bij figuur 1 (bbp van wereldrijken) zijn het Britse Rijk en de voormalige Sovjet-Unie omgewisseld in de legende. De schaal lijkt me een factor van een miljoen te klein6.

  • “In oktober 1919 waren zelfs in Amerika, het land dat het minste van de oorlog gemerkt had, de kosten van levensonderhoud met 83,1 procent gestegen ten opzichte van 1913” (p. 382). In tabel 4 (p. 247) staat dan weer dat het prijspeil in de V.S. in 1919 op 203 stond, met een referentiewaarde van 100 in 1913 (dus een stijging van 103%). Nu kan het best dat verschillende bronnen inconsistent zijn, maar dan moet een historicus de lezer daar wel op wijzen.

  • “In twee weken tijd lieten drieduizend Britse kanonnen 4238 miljoen granaten op de Duitse loopgraven neerkomen.” (p. 101) Ik ga er van uit dat het duizend keer minder granaten waren.

  • Het multi-etnische Joegoslavië wordt een natiestaat genoemd (p. 348), waardoor het begrip ‘natiestaat‘ iedere betekenis verliest.
  • “Op 13 maart 1921 bezetten zowel Britse als Franse troepen bruggenhoofden in de industriesteden Duisburg, Ruhrort en Düsseldorf, en er werd een douanegrens opgericht die het Rijnland scheidde van de rest van Duitsland.” (p. 409) In werkelijkheid waren het geen Britse, maar Belgische troepen. Bovendien is de datum fout. Wikipedia over de Ruhrbezetting: “Op 8 maart 1921 bezetten de Franse en Belgische troepen de steden Duisburg en Düsseldorf in de gedemilitariseerde zone.”7 Uiteraard is Wikipedia niet altijd juist, maar na een tijdje nam ik de beweringen in De zondvloed met meer dan een korreltje zout.

Strikt genomen geen fout, maar wel zeer irritant is het feit dat sommige Duitse zinnetjes niet vertaald worden. Bijvoorbeeld op pagina 176: “Op het Duitse ministerie van Buitenlands Zaken schreef een opgewonden functionaris dat als Duitsland eenmaal vaste voet had gekregen in die regio, ‘ook het idee van een landverbinding naar China […] aus dem Bereich abenteuerlicher Phantasien in den der Erwägungen heraustreten [würde].'”. Wat probeert de auteur of vertaler hiermee te bereiken? Dat ik naast feiten te controleren op Wikipedia ook nog eens Google Translate moet aanzetten?

De recensies van Kevin Matthews en Branko Milanovic doen me vermoeden dat er nog zeer veel fouten in De zondvloed staan die ik niet eens opgemerkt heb.

Professor Matthews schrijft: “Given material like this, taken from a period that has not been given the attention it deserves, The Deluge has the makings of a masterwork. But it is not. Instead, this book is shot through with misstatements, contradictions, inconsistencies and other, basic, errors. As happens with publishers who see only the bottom line, it is obvious The Deluge was not fact-checked before it went to press.”8

Structuur

De lezer krijgt een zondvloed van feiten over zich uitgestort. Het is moeilijk om het overzicht te bewaren zonder telkens terug te bladeren. In de lagere school leerden we gebeurtenissen op een tijdslijn te plaatsen. Voor Tooze, een professor aan de universiteit van Yale, is dit blijkbaar een overbodige luxe. Een bijlage met een samenvatting van de voornaamste verdragen en korte biografieën van de belangrijkste personen zou handig geweest zijn.

In plaats van de feiten chronologisch te ordenen, schept Tooze structuur in zijn betoog door de gebeurtenissen in het boek voor te stellen als een confrontatie tussen het liberalisme en het autoritarisme. Deze interpretatie zet hij in zijn inleiding af tegen de twee gangbare visies: die van de machtspolitiek tussen de grootmachten en die van een imperialistisch kapitalisme tegenover het socialisme. Maar de werkelijkheid zich niet zomaar in een simplistisch hokje laat stoppen. De Westerse democratieën waren bondgenoten van de autocratische tsaar. De feitelijke militaire dictatuur van von Hindenburg en Ludendorff gedurende de laatste oorlogsjaren werd opgevolgd door de democratische Weimarrepubliek. In Tooze’s raamwerk is dit dus een overwinning van het liberalisme. Maar het ‘liberale’ Duitsland werd wel door de andere ‘liberale’ landen gestraft in Versailles.

Gezien Tooze gespecialiseerd is in financieel-economische geschiedenis, is de behandeling van de schuldendynamiek teleurstellend. Los van de eerder vermelde fouten in tabellen en grafieken, doet hij niet de moeite de gegevens te verwerken voor de lezer. Schulden van Frankrijk worden een keer in dollars uitgedrukt, dan weer in Britse ponden. Door de inflatie na 1914 is het ook zeer moeilijk te volgen hoe groot de schulden waren in reële termen.

De zondvloed beperkt zich tot de vijftien jaar van 1916 tot 1931. Dat is een verdedigbare keuze. Maar doordat Tooze de opkomst van Amerika als wereldmacht benadrukt, lijkt het alsof de V.S. pas met de Eerste Wereldoorlog op het internationale toneel verschijnt. Dat klopt natuurlijk niet. Reeds in de eerste helft van de negentiende eeuw had de Monroedoctrine grenzen gesteld aan Europese inmenging op het Amerikaanse continent. De V.S. zaten mee aan de onderhandelingstafel tijdens de conferenties van Berlijn (1884-1885) en Den Haag (1899, 1907). De V.S. hadden in 1916 al een lange traditie in het beschermen van hun overzeese handelsbelangen.

Wat met de rest van de wereld?

Zoals wel duidelijk werd uit de bespreking hierboven, heeft Tooze enkel oog voor de grootmachten. Kleine geallieerden zoals Servië, België, Portugal of Griekenland komen niet in het verhaal voor.

Het Verdrag van Versailles regelde enkel de vrede met Duitsland. Over de verdragen met andere centrale mogendheden (Oostenrijk, Bulgarije, Hongarije, het Ottomaanse Rijk) lezen we niets in De zondvloed.

Oost-Europa en de Balkan zijn bijna onzichtbaar in het verhaal van Tooze. In een lange discussie over de moeilijkheden die een terugkeer naar de gouden standaard met zich meebracht voor de Britten, smijt hij terloops volgend zinnetje (p. 517): “Wankele perifere economieën zoals Oostenrijk, Hongarije, Bulgarije, Roemenië en Griekenland ‘verhongerden letterlijk om de gouden kusten te bereiken'”. Daar moeten we het mee doen!

Ik was ook benieuwd naar de impact van de oorlog en Wilsons idee van zelfbeschikkingsrecht op de koloniën. Afrika, Korea, Indochina, Indonesië… komen echter bizar genoeg niet voor in Tooze’s verhaal over de wereldpolitiek.

Hoe kan dit boek beter?

Ik hoop dat bovenstaande kritiek de auteur en uitgever kan aansporen om De zondvloed grondig te herzien

Zoals reeds gezegd schreeuwt het boek om een appendix met een chronologisch overzicht van de belangrijkste gebeurtenissen.

De financiële relaties moeten duidelijker weergegeven worden.

Maar bovenal illustreert De zondvloed dat één auteur onmogelijk alles kan weten, ondanks een indrukwekkende lijst met referenties. Een internationaal panel geschiedkundigen zou het boek grondig moeten controleren.

De huidige versie van De zondvloed kan ik helaas niet aanbevelen.

  1. Oostenrijk-Hongarije, dat verdeeld wordt na de oorlog, komt niet aan bod.
  2. Ik kan vanzelfsprekend geen boek van 600 bladzijden volledig samenvatten in een blogpost.
  3. Voor het gemak noem ik enkele de grote strijdende partijen. Zie wikipedia voor meer details.
  4. Denk eraan dat ieder land interne politieke meningsverschillen heeft, dus dé mening van een land bestaat niet.
  5. Monnet en Adenauer zijn twee van de founding fathers van het verenigde Europa.
  6. Als we de figuur in het boek letterlijk zouden nemen, zouden de V.S. in 1916 een koopkracht van slechts 550.000$ gehad hebben, uitgedrukt in de dollarwaarde van 1990).
  7. De Duitstalige Wikipedia spreekt ook over 8 maart: “Am 8. März 1921 besetzten französische und belgische Truppen in der gemäß Friedensvertrag entmilitarisierten Zone des Rheinlands die Städte Duisburg und Düsseldorf.” (via Google Translate: Op 8 maart 1921 bezetten Franse en Belgische troepen de steden Duisburg en Düsseldorf in de gedemilitariseerde zone van het Rijnland.) Deutsch Wikipedia over Düsseldorf leert: “Am 8. März 1921 rückten gegen Mittag französische und belgische Truppen in Düsseldorf und anderen Ruhrgebietsstädten ein und besetzten sie.” (via Google Translate: Rond de middag op 8 maart 1921 betraden Franse en Belgische troepen Düsseldorf en andere steden in het Ruhrgebied.) Deze laatste website verwijst ook naar een externe bron voor deze informatie.
  8. Gegeven materiaal zoals dit, ontleend aan een periode die niet de aandacht gekregen heeft die ze verdient, bevat De zondvloed de basis voor een meesterwerk. Maar dat is het niet. In plaats daarvan is dit boek doorspekt met onjuiste voorstellingen van zaken, tegenstrijdigheden, inconsistenties en andere, elementaire, fouten. Zoals vaker gebeurt bij uitgevers die alleen oog hebben voor de opbrengst, is het duidelijk dat De zondvloed niet gecontroleerd is voordat het ter perse ging.”

Leave a Reply

Your e-mail address will not be published. Required fields are marked *